- Albers, Josef
- Arad, Ron
- Becker, Dorothee
- Bellmann, Hans
- Bill, Max
- Bouroullec, Ronan and Erwan
- Citterio, Antonio
- Eames, Charles & Ray
- Gehry, Frank
- Girard, Alexander
- Herzog & de Meuron
- Jongerius, Hella
- Kuramata, Shiro
- Le Corbusier
- Lynn, Greg
- Meda, Alberto
- Morrison, Jasper
- Nelson, George
- Noguchi, Isamu
- Panton, Verner
- Prouvé, Jean
- Saarinen, Eero
- Starck, Philippe
- Taut, Bruno
- Van Severen, Maarten
- Yanagi, Sori
Max Bill
Biografie
- Max Bill, geboren 1908 in het Zwitserse Winterthur, voltooit een opleiding tot zilversmid aan de Academie voor Kunstnijverheid in Zürich en studeert vervolgens aan het Bauhaus in Dessau onder Josef Albers, Wassily Kandinsky, Paul Klee en anderen. In 1929 gaat hij naar Zürich, waar hij als architect, kunstschilder, graficus en beeldhouwer, en later ook als productontwerper werkzaam is. Van 1932–36 is Max Bill lid van de Parijse kunstenaarsgroep “Abstraction-Création” en ontwikkelt hij vriendschappelijke contacten met Hans Arp, Piet Mondriaan en Auguste Herbin. In 1936 formuleert hij de “principes van de concrete kunst”. In 1937 werkt hij aan een monografie over Le Corbusier en treedt toe tot de “Allianz”, een vereniging van moderne Zwitserse kunstenaars. In 1944 richt Bill het tijdschrift “abstrakt konkret” op, organiseert onder dezelfde naam een tentoonstelling in de Kunsthalle in Bazel en krijgt een leeropdracht voor vormleer aan de Academie voor Kunstnijverheid in Zürich. Als geestelijke vader en architect van de Hogeschool voor Vormgeving in Ulm en vanaf 1952 ook rector en hoofd van de afdelingen Architectuur en Productontwerp, tracht Bill de traditie van het Bauhaus in Dessau voort te zetten. Van 1967–1974 bekleedt hij een professoraat aan de nationale Hogeschool voor Beeldende Kunst in Hamburg op de leerstoel voor Milieubeheer. In de jaren ’80 produceert hij diverse monumentale sculpturen. De naam Max Bill is echter bovenal verbonden met begrippen als concrete kunst en inrichting van de omgeving. Daarnaast is Bill als leerling van het Bauhaus door zijn theoretische publicaties een van de belangrijkste voorlopers van het denken over moderne concrete kunst in het naoorlogse Europa. In 1994 overlijdt hij te Berlijn.